Karina Chikitova werd reeds langer dan een week vermist. In het bos waar ze spoorloos verdween, zwierven beren en wolven rond. Gelukkig had ze haar hond mee en zomerde het in de Siberische taiga. ’s Nachts dook de temperatuur nooit onder de zes graden Celsius.
Maar er dook een groot probleem op: Karina was amper vier jaar oud.
Toch vond men haar na elf dagen springlevend terug. Nadat haar hond afgedwaald was naar de stad, begeleidde die een politiepatrouille naar het meisje.
Velen omschreven Karina’s redding als een mirakel. Statistisch gezien was het echter geen uitzondering.
Voor zijn boek ‘Deep Survival: Who Lives, Who Dies, and Why’ interviewde auteur Laurence Gonzales psycholoog Kenneth Hill. Die overziet alle reddingsoperaties in het barre Nova Scotia. Als Gonzales hem vraagt wie de grootste kansen heeft om heelhuids uit een hachelijke situatie te komen, klinkt Hills antwoord enigszins verrassend: “De categorie met het hoogste overlevingspercentage zijn kinderen van zes jaar en jonger. Bij kinderen tussen zeven en twaalf jaar ligt het sterftecijfer beduidend hoger.”
Waarom trotseren jonge kinderen gevaar beter dan hun iets oudere leeftijdsgenoten? Volgens Gonzales geven de minder ontwikkelde hersenen de doorslag. “Kleine kinderen tekenen niet dezelfde mentale map van hun omgeving als volwassenen. Hun ruimtelijk inzicht is te beperkt. Om die reden rennen ze bij gevaar niet naar een plek buiten hun gezichtsveld. Ook volgen ze hun instincten. Lijden ze kou, dan kruipen ze in een holle boom. Bij vermoeidheid rusten ze uit. Wanneer ze dorst krijgen, drinken ze. Hierdoor blijven ze in leven.”
Alsof ze voorgeprogrammeerd was, deed Karina al deze zaken. Ze verstopte zich in de struiken wanneer een wild dier passeerde. Om warm te blijven, rolde ze zich op tegen haar hond. Als ze honger had, zocht ze naar bessen. Vergelijk haar gedrag met dat van oudere kinderen. “Die vertonen enkele volwassen kenmerken, maar missen het beoordelingsvermogen van meerderjarigen. Het ontbreekt hen aan de maturiteit om hun emoties te beheersen. Ze raken in paniek en vluchten. Ze zoeken voortdurend naar shortcuts. Loopt een spoor dood dan ploeteren ze verder, ondanks de dorst, honger en kou. Door te denken als volwassenen onderdrukken ze de instincten die hun in leven kunnen houden… Een beetje kennis is ontzettend gevaarlijk.”
Het is een krachtige gedachte. Wie weinig kennis heeft over een onderwerp, bezondigt zich vlug aan overmoed. Dat leidt op zijn beurt tot een slechte besluitvorming. In de psychologie heet dit het Dunning-Krugereffect: de grootste vijand van kennis is niet de onwetendheid, maar de illusie van kennis.
Geen groep mensen waar die illusie sterker aanwezig is dan bij investeerders. Haast iedere epische beleggingsblunder uit de geschiedenis is te wijten aan zelfoverschatting. Hefboomfonds LTCM telde twee Nobelprijswinnaars in zijn rangen maar ging roemloos ten onder. Tijdens de internetzeepbel eind jaren 90 dachten beleggers dat de bomen tot in de hemel groeiden. Op de vraag waarom hij zeker was dat de rentevoeten laag zouden blijven, antwoordde de beheerder van een Californisch pensioenfonds: “Ik ben een van de grootste investeerders in Amerika. Ik weet zo’n zaken.” Binnen het jaar vroeg zijn fonds het faillissement aan.
Vroeg of laat worden we allemaal geconfronteerd met overmoed. Hoe ontsnappen we als beleggers aan die valkuil? Enkele basisregels zetten ons alvast op het goede pad:
• Diversifieer. In onze modelportefeuille verspreiden we onze investeringen over verschillende businessmodellen en strategieën. Aan iedere positie wijzen we een maximum gewicht toe.
• Doe voldoende research. Een bedrijf doorgronden, vergt inspanningen. Om die reden publiceren we in elke nieuwsbrief slechts één aanbeveling. Meerdere aandelen per maand naar voren schuiven, getuigt van halfslachtig werk.
• Ga nooit een risicoanalyse uit de weg. Bij iedere aanbeveling besteden we heel wat tijd aan wat er fout kan lopen. Breng eerst de risico’s in kaart en kijk pas daarna naar het opwaarts potentieel.
• Volg uw aandelenposities. Zo komt u niet voor verrassingen te staan. Elke nieuwsbrief sluiten we daarom af met een uitgebreid overzicht van onze portefeuille.
Deze vier regels zorgen ervoor dat we in dit coronajaar een rendement van meer dan 20% halen.
Vorige post:
'Optimisme versus pessimisme'